Om die uitstoot tijdig verder terug te dringen, zijn in de toekomst nog meer en omvangrijkere projecten nodig. Ik zie Porthos daarom als een voorbeeldproject.
“Met nieuw materiaal, veel werk én kennis geven we dit platform een tweede leven”. De bouw van Porthos is in 2025 werkelijk gestart. Een bijzonder moment, want dit is het eerste en op dit moment grootste CO2-opslagproject binnen de EU. En zij zijn er onderdeel van. Production engineers Cindy Dubbeld en Jaro Kloosterman van Energie Beheer Nederland (EBN) vertellen over hun werkzaamheden aan het project. En over werken op zee.
Jaro kan het zich nog goed herinneren, toen hij de eerste ochtend op zee vanaf de boortoren naar het productieplatform P18-A tuurde, dat daar mistig in de ochtendschemer boven het wateroppervlak uitstak. Dáár werd dus al die jaren over gepraat. Dáár wilde hij heen: om mee te helpen het voormalige aardgasproductieplatform te herontwikkelen voor de injectie van CO2. Vastberaden: “We gaan er heel veel werk in steken om er een mooi project van te maken.”
Samen met collega-production engineer Cindy Dubbeld – en nog vele anderen; er waren maximaal 132 professionals tegelijk offshore – werkte Jaro afgelopen jaar aan de daadwerkelijke realisatie van CO2-opslagproject Porthos. Acht maanden lang waren ze op zee, in diensten van 14 dagen. Offshore werken is totaal anders dan op kantoor. Op de boortoren is het werk vooral praktisch en doelgericht. Vergaderingen zijn kort en bedoeld om elkaar te instrueren over het werk dat moet gebeuren. Daarbij geldt een strikt veiligheidsregime: veiligheid staat te allen tijde voorop.
Werkdagen begonnen standaard om zes uur, ver voordat de mensen op kantoor hun laptops openslaan. Ze eindigden als hun kantoorcollega’s zich door de avondspits naar huis zwoegden. Daarna een hap eten en vlug naar bed. Volgende dag weer vroeg op. Jaro: “Als ik me ook nog met kantoorwerk had beziggehouden, was er geen tijd meer om te slapen geweest!”
Cindy en Jaro waren offshore voor de work-over, zoals dat heet. Dat wil zeggen: zorgen dat het productieplatform, sinds 1997 gebruikt voor de productie van aardgas, geschikt wordt gemaakt voor de injectie van CO2 in het uitgeproduceerde gasveld daaronder. Van de zes gasproductieputten moesten bij vier de binnenste verbuizing (tubing) worden vervangen. In de overige twee werd beton gestort. “Dit klinkt misschien simpel, maar er komt ontzettend veel bij kijken”, zo verzekert Cindy. Ze rept uitgebreid over het palet aan uiteenlopende werkzaamheden op zee; van druktesten en materiaalmetingen tot het schrijven van werkinstructies en rapportages en het uitvoeren van berekeningen.
Om die uitstoot tijdig verder terug te dringen, zijn in de toekomst nog meer en omvangrijkere projecten nodig. Ik zie Porthos daarom als een voorbeeldproject.
Voor Cindy geeft het voldoening om aan een project te werken die een bijdrage levert aan het behalen van de Nederlandse en Europese klimaatdoelen, ook al ‘ben je een relatief kleine schakel’. “Het is niet alsof je zélf de CO2 de grond in duwt, hoor. Maar samen lever je wel een prestatie van formaat.”
Hoewel met Porthos een substantiële hoeveelheid CO2 veilig en permanent wordt opgeslagen in een uitgeproduceerd gasveld onder de Noordzee (jaarlijks 2,5 miljoen ton (Mton) in 15 jaar) is Jaro reëel over de omvang van het project. “Het is groot, maar ook weer niet gigantisch, als je kijkt naar de totale opslagcapaciteit. En naar wat Nederland bij elkaar aan CO2 uitstoot. Om die uitstoot tijdig verder terug te dringen, zijn in de toekomst nog meer en omvangrijkere projecten nodig. Ik zie Porthos daarom als een voorbeeldproject.”
Porthos is ‘first of a kind’. Het is het eerste CO2-opslagproject in zijn soort en omvang in de EU. De wereld kijkt mee, zo voelt dat voor Jaro. “Er is interesse uit het buitenland over hoe wij de dingen doen”, vertelt hij. “Niet eens per se over de technische complexiteiten, maar vooral over hoe je zo’n nieuwe tak van het energiesysteem opzet, en welke keuzes je daarin maakt.”
Die interesse is te verklaren, vindt Jaro: “Als dit succesvol is, opent dat deuren voor nieuwe projecten. EBN kan de kennis exporteren om volgende projecten nóg succesvoller te maken.” Cindy ervaart die interesse ook. “Je wilt je werk zo goed mogelijk doen, mijn allerbeste werk afleveren”, zegt Cindy gemotiveerd. “Want ik wil dat het project slaagt en dat er daadwerkelijk CO2 het uitgeproduceerde gasveld in gaat.”
Het was uitdagend. Misschien heeft het iets langer geduurd en zijn we tegen uitdagingen aangelopen, maar het is heel vet dat we dit met z’n allen hebben afgerond.
Het afgelopen jaar kenmerkte zich als jaar van de uitvoering; het echte werk. Jaro weet nog dat hij drie jaar geleden begon bij EBN en via de interne software Calysto studeerde op het verwachte gedrag van CO2-moleculen in een ondergronds uitgeproduceerd gasveld. En die studies waren ver voor ‘zijn’ tijd al gestart. Jaro: “Porthos heeft een lange voorbereiding gehad. Niet alleen de studiefase kostte tijd, maar ook de ontwerpfase en het bestellen van de materialen die nodig zijn.” Na de finale investeringsbeslissing is het team vol aan de slag gegaan.
Het voormalige productieplatform staat al bijna 30 jaar in weer en wind op zee. Die verwering was duidelijk te zien, vond Cindy, toen ze er voor het eerst kwam. “Maar dat hebben we met nieuw materiaal, veel werk én liefde helemaal opgeschoond en netjes geverfd: klaar voor een tweede leven.” Ze doelt op het vervangen van het bestaande equipment, de instrumentatie en het leidingwerk door een systeem dat helemaal is ontworpen voor de CO2-opslag. Een uitdagende operatie, omdat werkzaamheden simultaan plaatsvonden, met hoge temperaturen gewerkt werd en er zware last getild moest worden.
Vooral het moment dat Cindy begon met haar werk aan de putten was voor haar bijzonder. “Het was uitdagend. Misschien heeft het iets langer geduurd en zijn we tegen uitdagingen aangelopen, maar het is heel vet dat we dit met z’n allen hebben afgerond.”
Inmiddels hebben Jaro en Cindy het grootste gedeelte van hun werk in uitvoering aan Porthos afgerond. De zeebenen zijn weer ingeruild voor land. Het is wel even een contrast met het werk dat ze nu uitvoeren, dat ze allerminst als minderwaardig bestempelen, hooguit minder stoer. Vanuit kantoor werken ze aan de procedures en werkinstructies voor Porthos. Gezamenlijk: “We kijken uit naar de volgende fase, als we daadwerkelijk de CO2 gaan injecteren en dit een geslaagd project blijkt.”