Home Nieuws CO2-infographic 2026 brengt cijfers, grootste uitdagingen en toekomstperspectief overzichtelijk in kaart

CO2-infographic 2026 brengt cijfers, grootste uitdagingen en toekomstperspectief overzichtelijk in kaart

Nieuws

EBN presenteert de nieuwste “CO2 in cijfers”, een infographic met een actueel overzicht van de belangrijkste CO₂-feiten en -cijfers op Nederlands, Europees en mondiaal niveau. Van de wereldwijd stijgende CO₂-concentraties in de atmosfeer tot de voortgang van de energietransitie in Nederland, inclusief emissies per sector, de verhouding tot andere Europese landen, en het belang van CO₂-afvang en -opslag (CCS). “CO2 in cijfers” is een afgeleide van de jaarlijkse Energie in Cijfers infographic die EBN sinds 2016 uitgeeft.

De cijfers laten zien dat Nederland stappen zet richting de klimaatdoelen voor 2030 (55% reductie) en 2050 (Net-Zero), maar maken ook opnieuw duidelijk dat vooral voor moeilijk te reduceren industriële emissies, aanvullende oplossingen noodzakelijk zijn, naast elektrificatie en brandstofomschakeling.

Wereldwijd stijgt de CO2-concentratie[1]

CO2 is het belangrijkste broeikasgas dat verantwoordelijk is voor de opwarming van de aarde en daarmee voor klimaatverandering. 75% van het wereldwijde broeikasgaseffect wordt veroorzaakt door de aanwezigheid van CO2 in de atmosfeer, daarom wordt deze concentratie in de atmosfeer nauwgezet gemeten. De data van 1980 tot en met 2024 laat zien dat dit percentage in die 44 jaar met 24% is gestegen. Dit is vooral het gevolg van het op grote schaal verbranden van fossiele brandstoffen.

De grafiek toont de CO2-concentratie in de atmosfeer van 340 ppm in 1980 sterk is opgelopen naar ruim 420 ppm in 2024.

Relatief hoge CO2-uitstoot voor Nederland

Een vergelijking tussen Europese landen laat zien dat Nederland met bijna 8.000 kg CO2 per hoofd van de bevolking een relatief hoge CO2-uitstoot heeft. Dit geldt ook voor Frankrijk, Duitsland en België, landen met relatief veel zware industrie. Luxemburg en Noorwegen laten de hoogste CO2-uitstoot per hoofd van de bevolking zien, respectievelijk door de grote staalindustrie en olie- en gasindustrie en een relatief klein aantal inwoners.

Reductie CO2-emissies gaat relatief langzaam

Inzoomend op Nederland is te zien dat de totale emissies van broeikasgassen sinds 1990 met 36% is afgenomen en dat CO2-emissies in diezelfde periode met 28% daalden. Dit betekent dat de reductie van alle broeikasgassen samen groter is geweest, dan de reductie van CO₂ alleen. Na een jarenlange daling van CO2-emissies, is in 2025 bovendien een lichte stijging (0,8%) waargenomen t.o.v. het jaar ervoor. Dit wordt door het CBS vooral toegeschreven aan een hogere inzet van de Nederlandse kolen- en gascentrales voor de productie van elektriciteit. Dit zorgde voor een 22% hogere uitstoot in die sector, o.a. door export van elektriciteit naar België en Duitsland. Dit laat zien hoe sterk Europese energiesystemen met elkaar zijn verbonden en hoe belangrijk grensoverstijgende samenwerking is voor een effectief klimaatbeleid.

Elektriciteit, gebouwde omgeving en mobiliteit verduurzamen[2]

Tot 2010 daalde de uitstoot in de industrie met zo’n 10%, maar werd deze daling tenietgedaan door stijgingen in de sectoren elektriciteitsproductie, gebouwde omgeving, mobiliteit, landgebruik en landbouw. Gevolg was dat in 2010 de totale CO2-emissies zelfs 12% hoger waren dan in 1990. Vanaf dat jaar is een trendbreuk te zien en begint de CO2-uitstoot van andere sectoren ook te dalen. Met name in de laatste 10 jaar daalt de uitstoot van de elektriciteitscentrales significant door de groei in productie van groene stroom uit wind en zon. Het verbruik van aardgas in de gebouwde omgeving, vooral om gebouwen te verwarmen, laat een daling zien vanaf de energiecrisis van 2022. In de sector mobiliteit begint in de laatste jaren het effect van de toename van elektrisch rijden zichtbaar te worden.

Industrie is verantwoordelijk voor een derde van de totale Nederlandse CO2-uitstoot

In de industrie verloopt de verduurzaming complexer, vooral in sectoren waar CO₂ vrijkomt als onderdeel van het productieproces. De CO2-uitstoot van de Nederlandse industrie bedroeg in 2025 40 megaton. Dat is een derde van de totale Nederlandse CO2-uitstoot.

Rol van industrieel koolstofbeheer in het behalen van de klimaatdoelen

Carbon Capture & Utilisation (CCU), Carbon Capture & Storage (CCS) en Carbon Dioxide Removal (CDR) vormen de drie pijlers van industrieel koolstofbeheer en dragen alle drie bij aan het bereiken van Net-Zero. Zo kan afgevangen CO₂ worden opgeslagen of opnieuw worden gebruikt, bijvoorbeeld in levensmiddelen, de glastuinbouw of voor de productie van synthetische brandstoffen (CCU). Bij CCS wordt CO₂ afgevangen uit industriële processen; dit betreft zowel fossiele CO₂ als CO₂ met een biogene oorsprong, zoals bij biomassa-energiecentrales of afvalverbrandingsinstallaties. Wanneer deze biogene CO₂ permanent wordt opgeslagen, is sprake van koolstofverwijdering (CDR).

CCS kan binnen tien jaar meer dan de helft van de industriële emissies verminderen[3]

CO₂-afvang en -opslag kan een substantiële bijdrage leveren aan het verminderen van CO2-emissies. Zodra de CO₂-transport- en -opslagprojecten Porthos en Aramis op hun volledige opslagcapaciteit zitten (respectievelijk 2,5 en 22 megaton per jaar), vertegenwoordigt hun jaarlijkse opslag van CO2 ruim 61% van de huidige emissies van de Nederlandse industrie.Deze grafiek toont hoe grootschalige CCS projecten als Porthos en Aramis bijdragen aan reductie van CCS in ons land.

Deze editie van “CO₂ in cijfers” laat zien dat de energietransitie niet alleen een nationale opgave is, maar vraagt om een grensoverstijgende aanpak. Verdere emissiereducties, met name in de zware industrie, vragen om een geïntegreerde benadering waarin elektrificatie, gebruik van andere brandstoffen en industrieel koolstofbeheer hand in hand gaan. Transparante en actuele data zijn daarbij onmisbaar in het duiden van de voortgang en de uiteindelijke realisatie van de klimaatdoelen.

[1] Bron: Trends in CO2 – NOAA Global Monitoring Laboratory

[2] Bron: CBS StatLine – Emissies van broeikasgassen berekend volgens IPCC-voorschriften

[3] Bron: Reflectie op Cluster Energiestrategieën 2024 (CES 3.0) | Planbureau voor de Leefomgeving