​Deelname in bijna 50 opsporingsvergunningen
Als een bedrijf in Nederland koolwaterstoffen (olie of aardgas) wil opsporen is een opsporingsvergunning nodig. Op verzoek van de vergunninghouder kan EBN deelnemen in de opsporingsactiviteiten. EBN en de vergunninghouder zullen in dat geval voor hun gezamenlijke rekening de opsporingswerkzaamheden verrichten. Dit wordt nader geregeld in een door de minister van Economische Zaken goed te keuren overeenkomst van samenwerking tussen de vergunninghouder en EBN.
De vergunninghouder heeft een belang van 60%, EBN van 40%. EBN verkeert in een identieke rendement- en risicopositie als de vergunninghouder. Door deze deelneming van de Staat in opsporingsvergunningen wordt de (financiële) drempel voor exploratieboringen verlaagd.